Gesprek met Hennie Leistra, bijzondere lezer

24 november 2016

Het is allemaal begonnen met de Donald Duck vertelt ze, dat was het eerste wat ze las, haar broer heeft dat tot zijn 16e volgehouden en is toch neerlandicus geworden. Haar vader las veel, maar haar moeder vond boeken stofnesten en dacht dat je verstand eraan zou gaan maar ze gaf haar dochter wel boeken op haar verjaardag. Haar eerste boekje heette Rozemarijntje, dat kreeg ze via de zondagsschool met kerst omdat ze een trouwe bezoekster was. “Ik kan me niet herinneren dat ik ooit heb leren lezen of dat ik het niet kon. Ik had oudere zussen, waarschijnlijk hebben die het mij geleerd, net als schrijven, want dat deed ik verkeerd, vonden ze op school. Ik heb me trouwens mijn hele lagere schooltijd verveeld, ik had al zoveel geleerd thuis.“ Hennie ging naar het gymnasium en viel voor Bordewijk en las trouwens alles wat letters had, desnoods de ingrediëntenlijst op een pot pindakaas. Na een paar jaar rechtenstudie werkte zij jarenlang als directiesecretaris. Voor haar werk moest zij vaak forenzen en nam dan natuurlijk een boek mee voor in de trein, maar na een treinstoring van twee uur met alleen een uitgelezen boek reisde zij voortaan voor de zekerheid met twee boeken!
Ze laat mij zien hoe ze plakkertjes bevestigt bij bijzondere uitspraken en mooie zinnen noteert ze in een boekje. “Maar bij Dit zijn de namen ben ik daarmee gestopt want ik was langzamerhand het hele boek aan het overschrijven, zo fantastisch mooi vond ik het. Mijn boekenkast is gedeeltelijk mijn dagboek, ik kan de ontwikkeling in mijn leven zien.”

Tijd over, dus ook in geschiedenis, Duits en Engels

Toen zij naar Amersfoort verhuisden, kwam Senia in beeld, ze werd lid van een leesgroep die vooral Nederlandse literatuur leest. Maar omdat ze ook altijd geïnteresseerd was in klassiekers zocht ze contact met Senia met de vraag om een leesgroep klassiek en die kwam er. Ze lezen o.a. Thomas Mann en Gustave Flaubert maar ook John Fante en Sylvia Plath. Omdat ze nog tijd over heeft zit ze ook in leesgroepen geschiedenis, Duits en Engels. Dus ja, goed geteld, ze zit in vijf leesgroepen en volgt ook nog een cursus Frans om de taal waarvan ze de humor en de stijl zo waardeert onvertaald te kunnen lezen.

Boeken over sterke mensen

Ze houdt vooral van boeken, fictie of non fictie, die over sterke mensen gaan, ze heeft een fascinatie voor hoe mensen rampzalige situaties overleven. “Ik bewonder mensen met een grote innerlijke kracht en waardigheid, ik hoop altijd dat ik dat ook heb als het nodig is”.
Als ik haar vraag of ze ook wel eens moet lachen om een boek zegt ze dat zo hard moest lachen om Sysifus’bakens van Jeroen Brouwers dat ze in de tuin zat te lezen, dat ze naar binnen is gegaan  omdat ze bang was dat de buren dachten dat ze niet goed snik geworden was.
's Nachts, als ze niet kan slapen is er tegenwoordig de e-reader, heel fijn dat haar man Math daar niet wakker van wordt. Die heeft zijn slaap hard nodig want hij maakt lange fietstochten en nee, meestal gaat ze niet mee maar blijft lekker thuis om te lezen anders haalt ze de drie boeken per week niet.
 
Ik neem afscheid van deze aardige, belezen dame en onderweg naar huis bedenk ik dat ik een belangrijke vraag niet gesteld heb dus ik mail haar: Heb je nooit schrijfster willen worden? Ze antwoordt: “Nee nooit, ik weet dat ik (zakelijk) goede brieven schreef, maar ik kan nooit de klasse van de door mij bewonderde auteurs (Mann, Bordewijk, Haasse, etc.) bereiken. Er zijn in Nederland 1 miljoen mensen die schrijven en zouden willen publiceren. Dat lijkt me genoeg, Ik prijs me gelukkig dat ik nooit de ambitie heb gehad. Ik lees liever.”
Yvonne Feller